Gedichten 01
 
Terug
Hieronder staan de volgende gedichten:
 
01    Katten
02   Soms
03   Huilen is gezond
04   Dag mevrouw
05   Je hoeft geen sterke eik te zijn
06   Levenszin
07   Een misverstand
08   Elke dag
 
 
09   Ik wil verdwalen in het jaar
10    Niemand zoals jij
11     Mijn best
12    Liefde
13    Delirium Clemens
14    Vader 
15    Adam
.......... meer op volgende pagina
KATTEN
(Gedicht van de heer La Croix, echtgenoot van een kattenfokster)
 
 
Heeft u te veel vrije tijd
en u wilt die liever kwijt?
Mijn advies is: Ga niet mokken,
Leg u toe op katten fokken!
 
Bent u een geboren wachter,
heeft u ogen voor en achter?
Wilt u rafels in uw matten?
Dan bent u geschikt voor katten!
 
Wilt u, aan de dis gezeten
u de kaas van 't brood doen eten?
Vindt u dat niet erg mevrouw
Neem een kat dan maar en gauw!
 
Vindt u 't leuk als ze uw kleren
en gordijnen ruïneren?
In uw melkkan pootje baden?
Dan kan ik een kat aanraden!
 
Omgevallen schemerlampen
zijn voor u geen grote rampen?
Trekt u niet wat witjes weg?
Ga dan katten houden zeg!
 
Klimt u graag eens op het dak
in uw nieuwe mantelpak?
Geeft dat fleur aan uw bestaan?
Schaft u dan eens katten aan!
 
Als u luchtig gaat voorbij
aan wat kleine averij,
of wat vlekken in uw kleed,
is een kat aan u besteed!
 
En als u er soms naar streeft,
dat men u steeds kopjes geeft
en u voor de voeten loopt,
't beste is dat u katten koopt!
 
U heeft nooit meer vrije tijd,
katten wilt u nooit meer kwijt!
Mijn advies blijft, ga niet mokken
en ga door met katten fokken!
 
Want de katten zijn niet vals,
vinden niets zo heerlijk als
om te spinnen met hun warm
kattenlijfje in uw arm!
 
En wat deren u uw matten
bij het spel van jonge katten,
die de moederpoes u gaf
Het geluk straalt van haar af!
_______________________________________________________________________
 
SOMS.....
(Ad Louwers)
 
Soms is een dag een diamant
en soms een ruwe kei
Soms heeft verdriet de overhand,
soms maakt een dag je zomaar blij.
 
Soms wordt een stil gebed verhoord
en krijg je wat je hebt verdiend.
Soms wordt je leven ruw verstoord,
verlies je zo een goede vriend.
 
Soms is je pad vol duidelijkheid
en lukt ook alles wat je wil.
Soms raak je weg en richting kwijt
en sta je niet begrijpend stil.
 
Soms straalt de wereld vrede uit,
zo rond de Kerst, een dag of wat.
Soms barst de bom, en 't helse kruit
walst volkeren, landen, zomaar plat.
 
Soms overwint gezond verstand,
soms kunnen we er echt niet bij.
Soms is een dag een diamant
en soms een ruwe kei . . . . .
_______________________________________________________________________
 
HUILEN IS GEZOND
(Harry Bannink / Willem Wilmink)
 
It's all right to cry
Crying gets the sad out of you
It's all right to cry
It might make you feel fetter.
(uit een kinderliedje van Carol Hall)
 

Leg nou die krant maar even neer
echt lezen doe je toch niet meer
huil nou maar even.
Ja, tegen iemands lichaam aan
zou dat natuurlijk beter gaan
maar huil nou maar even.
 
Dat jij de enige niet bent
dat is een troost die je al kent
dus huil maar even.
Een ander troosten voor verdriet
dat kan ook niet, dat kan ook niet
maar huil toch even.
 
Altijd maar flink zijn is niet goed
als je niet weet hoe 't verder moet
huil dan toch even.
Straks, met nog tranen langs je kin
denk je ineens: Ik heb weer zin
om door te leven.
_______________________________________________________________________
 
DAG MEVROUW
(Anna C.J. Michielen) (gelezen in de krant als ingezonden gedicht)
 
Daar komt de bus, ik pak m'n kaart
en ga weer naar hem toe.
Ik zie hem zitten voor het raam,
hij 'leest', maar weet niet hoe...
Dit is de man die jaren t'rug
mijn steun en sterkte was,
met wie ik trouwde, kind'ren kreeg;
nu morst ie op z'n das...
Hij kijkt me aan, maar ziet me niet.
Ik pak zijn oude hand
en streel hem, maar hij kijkt verbaasd;
hij heeft met mij geen band.
De man die ooit zo schrander was,
ik zal er nooit aan wennen
dat, elke dag wanneer ik kom,
hij mij niet zal herkennen...
'k Vertel hem wat ik heb gedaan
de uren van de dag;
soms twinkelen zijn ogen,
zie ik om zijn mond een lach?
Als het weer tijd is om te gaan
zeg ik: "ik hou van jou,"
kijk ik bij de deur nog een keer om
en hij zwaait 'dag mevrouw!'
_______________________________________________________________________
 
JE HOEFT GEEN STERKE EIK TE ZIJN
(Philomeen Barendregt)
 
Je hoeft geen sterke eik te zijn
om stormen te doorstaan,
kijk naar het tere ruisend riet
dat tegen wind en water aan
het fiere hoofd een trotse vaan
zich opricht, buigt en opricht
alsof het ons wil tonen:
je hoeft geen sterke eik te zijn.
_______________________________________________________________________
 
LEVENSZIN
(Onbekend)
 
Die nacht werd er een punt gezet
achter de volzin van zijn leven.
Maar wie geloven durft, die let
op het vervolg dat werd geschreven.
Want die nacht nam de Meester `t werk
van zijn vermoeide leerling over.
Met rode letters, klaar en sterk,
schreef Hij eronder: Je bent over!
En vol verwondering las hij het,
een zin veel schoner dan zijn dromen.
God had een dubbele punt gezet,
omdat het beste nog moest komen.
_______________________________________________________________________
 
EEN MISVERSTAND
(Henk Stufkens)
 
Ik was te Cadzand aan het strand
Getuige van een misverstand
Toen ik twee golven hoorde spreken
Precies voordat ze zouden breken
De ene riep: "Het is gedaan!
We zullen hier te pletter slaan!"
De ander zei beslist: "Welnee,
Je bent geen golf, je bent de zee!"
_______________________________________________________________________
 
ELKE DAG
(Joke Verweerd)
 
En nog kom ik je tegen elke dag
vooral bij dat waarvan je hebt gehouden
Je blijft zoals je was, alleen 't vertrouwde
ebt langzaam weg.
Nog sta ik vaak met jou te overleggen
Maar als een monoloog blijven mijn woorden staan
Ze komen nergens aan
Ze vallen van de muur terug
en landen op mijn schouders
als stilte
zwaargeladen
_______________________________________________________________________
 
IK WIL VERDWALEN IN HET JAAR
(Ivo de Wijs)
 
Ik wil verdwalen in het jaar
Voorbij de kou van januari
Voorbij de bloesempracht van mei
Tot in het warmste jaargetij
Verzeilen tussen noord en zuid
Het zonlicht voelen op mijn huid
En haar
Ik wil verdwalen in het jaar.
 
Ik wil verdwalen in het jaar
Als met een gloednieuwe geliefde
Beginnen aan een avontuur
Door water lopen, en door vuur
Gelukkig zijn op mijn manier
En banjeren van daar naar hier
Naar daar
Ik wil verdwalen in het jaar.
 
Laat me verdwalen in het jaar
En in een onbeschreven wereld
Om zonder zorg en zonder plicht
Te zwalken tussen nacht en licht
Kom, leg je hand in die van mij
Ik weet de weg niet, net als jij
Maar in de doolhof zijn we bij
Elkaar
Dus kom nou maar
We gaan verdwalen in het jaar.
_______________________________________________________________________
 
NIEMAND ZOALS JIJ 
(A.H. van der Meer, geplaatst in het blad Yarden )
 
Je naam stond in de krant vandaag
Je kunt het zelf niet weten
Je ligt nog in de wieg en velen zijn er blij
Je ouders zullen nimmer deze dag vergeten
Want er bestaat maar één schepsel zoals jij.
 
Je naam stond in de krant vandaag
Je hebt de school doorlopen
Examen afgelegd en velen zijn er blij
De wereld staat nu helemaal voor je open
Wachtend op daden van mensen zoals jij.
 
Je naam stond in de krant vandaag
Je hebt een baan gevonden
Die heel goed bij je past en velen zijn er blij
Dat je aan de slag kunt gaan, een nieuwe ronde
Er is behoefte aan mensen zoals jij.
 
Je naam stond in de krant vandaag
Je gaat je leven delen
Met één van wie je houdt en velen zijn er blij
Omdat ze in jullie vreugde willen delen
Mee willen leven met mensen zoals jij.
 
Je naam stond in de krant vandaag
Je werk is afgelopen
Je hebt je taak volbracht en velen zijn er blij
Dat je gezond nog bent en hebt je ogen open
Voor anderen die minder zijn bedeeld dan jij.
 
Je naam stond in de krant vandaag
Je kunt het zelf niet weten
Je bent niet meer bij ons en wij zijn nu niet blij
Maar weet dat men je nimmer zal vergeten
Want nooit was er op aarde een mens zoals jij.
_______________________________________________________________________
 
MIJN BEST GEDAAN 
(Onbekend)
 
Als een dag zijn einde nadert
Zie ik naar wat ik volbracht
Eer ik, rustig en tevreden,
`t Hoofd ter rust` leg voor de nacht
Was het goed, of was het matig?
Was `t te geestig, of te statig?
Och, neem `t zo ik `t deed maar aan
Want ik heb mijn best gedaan.
 
Als mijn levenseinde nadert,
Denk ik aan wat ik volbracht
Eer ik, oud, moe en tevreden
Sluimer naar de eeuw`ge nacht.
Of het goed was, of slechts matig
Of te geestig, of te statig . . .
`t Komt er dan niet meer op aan
Alleen - heb ik mijn best gedaan?
_______________________________________________________________________
 
LIEFDE 
(Onbekend)
 
Als je echt van iemand houdt,
iemand alles toevertrouwt,
één die echt weet wie je bent,
ook je zwakke plekken kent,
die je bijstaat en vergeeft,
één die "naast en in" je leeft,
dan voel je pas wat leven is,
en dat liefde geven is.
_______________________________________________________________________
 
DELIRIUM CLEMENS
(Alexander Pola)
 
'O Jezus, ik ben lazarus!,'
Zei ik, lam na een glas of tien . . .
Daarop trad Jezus nader dus
En zei: 'Dat is te zien!
Sta op en wandel,' zei Hij. 'Kom!'
Maar 't lukte niet bijzonder.
Ik lazerde terstond weer om . . .
Toen sprak Hij: 'Da's géén wonder!'
_______________________________________________________________________
 
VADER
(Alexander Pola)
 
'Waarom hebt Gij mij verlaten?'
klonk het snikkend van het kruis.
Maar het mocht geen donder baten,
want de Vader gaf 'niet thuis'.
Vader hield in later jaren
ook niet bijster van gezeur
en ook Rome's martelaren
riepen voor een dichte deur.
Vader bleek 'niet thuis' te geven
steeds als je Hem nodig had
en het hielp niet, om het even
hoe je smeekte, vloekt' of bad . . .
Laatst nog: Twintig miljoen Russen,
Joden, zowat zes miljoen . . .
Vader was niet thuis intussen,
die had elders iets te doen . . .
'Ondoorgrond'lijk zijn Zijn wegen . . .'
Maar men weet wat dat beduidt:
Op één vraag wordt steeds gezwegen:
'Waar hangt Vader nou weer uit?'
_______________________________________________________________________
 
ADAM
(Onbekend)

Adam leefde lang geleden,
Eenzaam in de Hof van Eden,
Met de zegen van de Heer,
Wat verlangt een mens nog meer!
 
Hij liep heerlijk in zijn blootje,
Baadde zon en baadde pootje
In het water van de beek,
Zeven dagen van de week.
 
Adam leefde zonder zorgen,
Totdat hij op zekere morgen
Plotseling ontdekte dat
Ieder vent een vrouwtje had.
 
Heer, sprak Adam, ik wil u vragen,
Onderdanig en beleefd,
Of u in de loop der dagen
Soms een vrouwtje voor mij heeft.
 
De Heer zei, Goed, ik doe mijn best,
Maar dan doe je zelf de rest.
Ik zal zorgen voor een vrouw,
Die het leven deelt met jou.
 
En, toen Adam lag te slapen,
Heeft de Heer de vrouw geschapen.
Het was de droom van iedere man,
Alles erop en alles eran.
 
Bedankt, zei Adam, een heerlijk wijf,
Al kost ze een rib uit mijn lijf.
En zo leefden ze tevreden,
Samen in de Hof van Eden.
 
Totdat op een kwade dag
Eva een boom met appelen zag.
Ach, dacht Eva, wat kan 't schaden,
Aan een boom zo vol geladen,
Ofschoon de Heer het mij verbiedt,
Mist hij een, twee appels niet!
 
En ze plukte, terwijl ze zee,
"An apple a day keeps the doctor away."
Uit was toen het goede leven,
Het Paradijs werd opgeheven.
 
Door het eten van die appel
Werken wij ons nu te sappel.
't Is daarom dat ik adviseer:
"Snoep verstandig, eet een peer".
 
 


Even geduld a.u.b........